Samen bouwen aan betaalbare innovatie
Samen bouwen aan betaalbare innovatie
Column van Yvo Roos en Wiro Niessen
“Alleen ga je sneller, samen kom je verder.” Het Afrikaanse gezegde dat Nelson Mandela vaak gebruikte, raakt precies waar het in de zorg om draait. Yvo Roos (decaan Amsterdam UMC) en Wiro Niessen (decaan UMC Groningen) zien dagelijks hoe samenwerking de sleutel is tot vernieuwing. Ondanks stijgende zorgkosten, complexe regelgeving en toenemende druk op het personeel geloven zij dat vooruitgang in de zorg wél mogelijk is. Mits we het samen doen.
Eén koers voor de umc’s
Begin 2025 presenteerde UMCNL met het document: Samen voor de gezondheid van morgen de gezamenlijke strategie van de umc’s van Nederland. Daarin is nu vastgelegd wat hun collectieve focus, ambities en versnellingsagenda zijn. “Dat betekent,” zegt Roos, “dat we op deze onderwerpen gezamenlijk optrekken. Dat is best een uitdaging, maar echt noodzakelijk in de huidige (geo)politieke situatie.” Niessen knikt. “We doen het in Nederland wetenschappelijk heel goed, maar om dat zo te houden, moeten we meer nationaal en Europees denken, en minder individueel.” De umc’s zijn dit jaar begonnen om die gezamenlijke koers ook echt in de praktijk te brengen, onder andere op het gebied van onderzoeksinfrastructuren en geneesmiddelenontwikkeling.
Onderzoeksinfrastructuren als fundament
Wetenschappelijk onderzoek en innovatie zijn wat medewerkers van umc’s drijft: oplossingen vinden voor de uitdagingen van morgen. Hoe ontstaan ziekten? Wat kunnen we doen om mensen te genezen of ziekte te voorkomen? “Maar dat kunnen we niet alleen,” benadrukken Roos en Niessen. “Daar hebben we het hele zorgsysteem voor nodig; van de 0e tot de 3e lijn, het bedrijfsleven en andere kennisinstellingen.” Volgens Roos is het beeld soms te beperkt: “Door alle berichtgeving lijkt het alsof de zeven umc’s zich vooral bezighouden met superspecialistische aandoeningen, maar dat is niet zo. We werken ook aan preventie en aan aandoeningen van mensen die we niet in onze eigen spreekkamers zien.”
Dat vraagt om samenwerking op meerdere niveaus: het delen van faciliteiten en data, maar ook van kennis over goed onderzoeksontwerp en uitvoering. “Er valt nog veel te winnen,” zegt Niessen. “Daarom zijn we met de NVZ (Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen) in gesprek over hoe we onderzoeksinfrastructuren beter kunnen delen. De umc’s hebben academische kennis, kunde en infrastructuur; de ziekenhuizen hebben toegang tot veel meer patiënten. Samen kunnen we elkaar versterken.”
Dezelfde wens geldt voor de samenwerking met het bedrijfsleven. Roos: “Hoe kunnen we onze krachten bundelen om de positie van Nederland te versterken? Dat gesprek voeren we in 2026 graag met onze partners.”
Nieuwe wegen in geneesmiddelenontwikkeling
Ook op het gebied van geneesmiddelenontwikkeling liggen er grote uitdagingen. Tijdens de verkiezingscampagne kwam de mogelijke bevriezing van het basispakket meerdere keren voorbij. Roos en Niessen hopen dat die discussie vanuit het juiste perspectief gevoerd wordt. Niessen: “We kunnen niet zonder innovatie. Er zijn veelbelovende nieuwe geneesmiddelen in aantocht, bijvoorbeeld op het gebied van gen- en immunotherapie. Als die beter werken dan wat we nu hebben, mogen we die niet op de plank laten liggen.”
Roos: “We moeten als zorgstelsel kritisch kijken naar wat we doen. Niet alles wat kán, hoeft ook, en er is zorg die verleend wordt zonder dat die meerwaarde heeft voor gezondheid of kwaliteit van leven. Het eerlijke gesprek over wat echt bijdraagt aan gezondheid en kwaliteit van leven moeten we samen voeren.” De umc’s willen die handschoen oppakken, maar kunnen dat niet alleen. Niessen: “Daar zijn huisartsen, patiënten(vertegenwoordigers), zorgverzekeraars, VWS en farmaceuten bij nodig. We moeten dit samen doen, op nationaal én Europees niveau.”
FAST is voor beiden een goed voorbeeld van hoe het anders kan. Roos: “Het laat zien dat publiek-private samenwerking met transparante afspraken en maatschappelijke doelen een alternatief biedt voor het klassieke farmamodel. Dat is de weg vooruit.”
Een weerbare en lerende zorg
De gezamenlijke koers werpt al vruchten af. Initiatieven als RARE-NL en InFECT-NL laten zien dat samenwerking echt werkt. De umc’s boeken niet alleen vooruitgang met het delen van onderzoeksinfrastructuren en het bevorderen van passend gebruik van geneesmiddelen, maar ook binnen de geneesmiddelenontwikkeling en het stevig verankeren van maatschappelijk verantwoord licentiëren als leidend principe voor innovatie en valorisatie.
“Er gebeurt al ontzettend veel dat goed gaat,” zegt Roos. “Maar dat sneeuwt vaak onder in het publieke debat. Terwijl juist die voorbeelden laten zien hoe de zorg toekomstbestendig wordt.” Niessen: “We moeten niet alleen vernieuwen, maar ook laten zien wat werkt.”
“Als umc’s kunnen we dat niet alleen,” vervolgt Niessen. “Daarom werken we samen met FAST, spelen we een rol in de landelijke zorgakkoorden en dragen we via Groeifondsprojecten bij aan nieuwe vormen van samenwerking. Alleen samen kunnen we de zorg van morgen vormgeven.”
Roos glimlacht: “Als we de afgelopen jaren iets geleerd hebben, is het dat groot denken en klein beginnen de sleutel is.” Niessen knikt: “En dat het kan. Maar alleen als we het samen doen.”