Strategische Onderzoeksagenda Targeted Radionuclide Therapy

Publicaties

Strategische Onderzoeksagenda Targeted Radionuclide Therapy

FAST presenteert de Strategische Onderzoeksagenda Targeted Radionuclide Therapy: een door het veld gedragen agenda die richting geeft aan de verdere ontwikkeling van dit veelbelovende, maar nog relatief jonge domein binnen de oncologische zorg. Met duidelijke prioriteiten en gerichte acties biedt de agenda een fundament voor betere samenwerking, effectievere inzet van middelen en versnelling van innovatie. Om TRT sneller en breder beschikbaar te krijgen voor patiënten.

Targeted Radionuclide Therapy (TRT) maakt gebruik van radiofarmaca die zich specifiek richten op moleculaire doelwitten in ziekteweefsel en daar lokaal therapeutische straling afgeven. Door de combinatie van diagnostiek en therapie biedt TRT unieke mogelijkheden voor gerichte behandeling en gepersonaliseerde dosering. Nederland kent een sterke kennisbasis en gespecialiseerde infrastructuur voor TRT. De volgende stap is nu om deze doelgericht te versterken en duurzaam te organiseren. Met deze visie hebben onderzoekers, clinici, bedrijven, beleidsmakers en patiëntenvertegenwoordigers, gezamenlijk de Strategische Onderzoeksagenda TRT opgesteld. Daarmee ligt er nu een gedeelde koers voor de ontwikkeling en toepassing van radiofarmaca.

TRT vertegenwoordigt een van de meest veelbelovende ontwikkelingen binnen de oncologische zorg, met potentie voor bredere toepassing in de toekomst. De impact voor patiënten is groot, in het bijzonder voor patiënten met beperkte behandelopties. Om deze potentie te realiseren zijn gerichte keuzes, gezamenlijke investeringen en structurele samenwerking nodig. De agenda brengt deze elementen samen en vertaalt ambitie naar concrete prioriteiten.

De agenda markeert niet het eindpunt, maar juist het begin van een volgende fase: de vertaling naar uitvoering. Dat vraagt om nieuwe vormen van samenwerking, tussen academie en bedrijfsleven, tussen ontwikkeling en toepassing, en in nauwe afstemming met regelgevers en patiënten. Tegelijkertijd wordt helder dat aanvullende, structurele financiering essentieel is om de benodigde onderzoeksinfrastructuur en samenwerking duurzaam te borgen.